Opinie: ‘Schaf de mantelzorgboete af’

De Eerste Kamer heeft haar tanden laten zien. Grootouders, kleinkinderen, broers en zussen die voor elkaar zorgen, worden niet gekort op hun bijstandsuitkering. Een goede stap – nu is het hoog tijd dat de kostendelersnorm helemaal van tafel gaat. Dit vinden Manon Vanderkaa, directeur van seniorenorganisatie KBO-PCOB en Lucía Lameiro García, coördinator van het Netwerk van Organisaties van Oudere Migranten (NOOM).

Tienduizenden Nederlanders hebben te maken met de kostendelersnorm. Deze maatregel betekent dat een bijstandsuitkering verlaagd wordt als er meerdere volwassenen op één adres wonen. Het gaat bijvoorbeeld om ouderen met een onvolledige AOW en een aanvullende bijstandsaanvulling (AIO) die hulp en zorg krijgen van een inwonend kind. Toepassing van de kostendelersnorm houdt automatisch in dat per volwassene waarmee het huishouden wordt gedeeld een kortingspercentage wordt toegepast op de (bijstands)uitkering. Ongeacht of deze medebewoners inkomsten hebben. Hierdoor kunnen zij een groot deel (tot zelfs hun volledige) aanvulling kwijtraken. In de praktijk kan dit oplopen tot enkele honderden euro’s per maand. Terwijl zij ook zónder de korting al niet rond kunnen komen, blijkt uit verschillende onderzoeken (SCP, NIBUD en Regioplan).

Veel van deze huishoudens hebben een migratieachtergrond, waarbij het gebruikelijker is langdurig voor elkaar te zorgen. Maar ook van origine Nederlandse AOW-gerechtigden met een minimuminkomen en een jongere partner zonder of met een (te) laag inkomen hebben met de kostendelersnorm te maken. Door het wegvallen van de (jongere) partnertoeslag op de AOW-uitkering is hun inkomen gedurende enkele jaren onder het bijstandsniveau. Dat betekent bijvoorbeeld dat een 67-jarige AOW’er met een vijf jaar jongere partner ruim vier jaar inkomen te kort komt om rond te komen.

Onder de kostendelers bevinden zich ook vijftigplussers met minder kansen op de arbeidsmarkt. Zelfs in economisch goede tijden was het voor hen vaak bijzonder lastig om nieuw werk te vinden. Een groeiende kloof dreigt tussen theoretisch en praktisch opgeleiden en hun kans op werk en een betere gezondheid.

MISVERSTAND

De veronderstelling blijkt niet te kloppen dat de meeste kosten tussen samenwonende volwassenen gedeeld kunnen worden. Dit geldt weliswaar voor de huur of hypotheek, maar niet voor voeding, persoonlijke verzorging en benodigdheden, zorgverzekeringen en zorgkosten. Eerste Kamerleden wezen hier ook op. Zo zijn er mensen die intensieve zorg verlenen: zij gaan er in inkomen op achteruit, terwijl de zorglasten stijgen.

De coronacrisis treft mensen met de laagste inkomens vaker en harder. Dit zijn precies degenen die ook door de kostendelersnorm worden geraakt.

De financiële voordelen voor de overheid van de kostendelersnorm wegen niet op tegen de nadelen ervan voor het welzijn van mensen, de woningnood en de tekorten in de zorg. Het vast blijven houden aan de kostendelersnorm laat bovendien waarden als zorgzaamheid en solidariteit en de baten van samenwonen buiten beeld. Het afschaffen van de kostendelersnorm, niet voor niets ook mantelzorgboete genoemd, zal direct een positief effect hebben op gevoelens van stress en eenzaamheid, op het beroep dat wordt gedaan op de professionele zorg en leiden tot meer vrijkomende woningen.   Onze oproep is dan ook heel eenvoudig: schrap de kostendelersnorm en leg ook geen korting op aan samenwonende AOW’ers met een minimuminkomen. Veel zorgzame Nederlandse families zullen er dankbaar voor zijn.

 

Dit opiniestuk is op 24 juni 2020 in het Nederlands Dagblad gepubliceerd.