Hospices hanteren onterecht driemaandengrens

Hospices zijn te star in het hanteren van een driemaandengrens voor cliënten. Tot die conclusie is seniorenorganisatie KBO-PCOB gekomen na uitgebreide navraag bij deskundigen. Voor opname in een hospice geldt een verwachte levensduur van maximaal drie maanden. Duurt de zorg uiteindelijk langer en is er nog geen uitzicht op overlijden, kan de cliënt zo maar worden weggestuurd. Onterecht, zo blijkt nu. Gusta Willems van KBO-PCOB: “Als je eenmaal binnen bent in een hospice mag de zorg doorgaan tot aan het overlijden. Ook als dat langer op zich laat wachten dan drie maanden.”  

Het is de moeder van Femmy overkomen. Zij bleek ernstig ziek en ging snel achteruit. Zo snel dat de verwachting was dat zij binnen drie maanden zou overlijden. Eenmaal in de hospice, knapte de moeder van Femmy enigszins op: “Mama arriveerde daar als een zombie. Door verandering van de medicijnen ging dat beter: haar persoonlijkheid kwam terug, ze genoot weer van de natuur. De zorg in het hospice was optimaal.” Het ging zelfs zo goed, dat Femmy van het hospice te horen kreeg dat haar moeder weg moet als ze langer dan drie maanden leeft. “Mama wilde niet weg. Toch werd ze overgeplaatst naar een woon-zorgcomplex elders. Mama vond het verschrikkelijk. Drie weken na het ontslag uit het hospice verslechterde haar situatie zo dat ze compleet aan bed gebonden was.” Niet lang daarna overleed haar moeder en volgde voor Femmy een proces van rouw en diep verdriet over het onnodige lijden van haar moeder.

Financiële prikkel
Dat hospices de driemaandengrens hanteren, komt waarschijnlijk voort uit het verleden. Tot ongeveer 2015 hadden verzekeraars de afspraak dat hospicezorg maximaal drie maanden vergoed werd. Hospices voelen een morele verantwoordelijkheid om de ziekste mensen op te nemen. Toch kunnen inkomsten nog een rol spelen omdat een korte ligduur economisch aantrekkelijk kan zijn, zo denkt Saskia Teunissen, hoogleraar hospicezorg bij UMC Utrecht: “Hospices kunnen aanspraak maken op subsidie. De hoogte wordt bepaald door het aantal bewoners op jaarbasis. Dus stimuleren ze soms de ‘doorstroom’ om zo hun eigen voortbestaan te garanderen.”

Samen beslissen
Omdat het moment van sterven zich niet precies laat voorspellen, vindt KBO-PCOB dat hospices nooit star moeten uitgaan van de driemaandengrens. Willems: “Knapt iemand op, dan is het essentieel dat hospice, patiënt en naasten het gesprek met elkaar aangaan: wat is nu voor deze patiënt de juiste zorg op de juiste plek? In dit gesprek moet de stem van patiënt en diens familie even zwaar wegen als die van de arts. Het draait echt om samen beslissen, zonder tijdsdruk.” Ook pleit KBO-PCOB dat de informatie over de regelgeving en zorg van hospices eenduidiger en toegankelijker wordt.

–> Lees ook ons verhaal in het Magazine van KBO-PCOB