Senioren in de bajes

Hoe is het om als zestigplusser in de gevangenis te zitten? Een middag op afdeling E van de penitentiaire inrichting in Lelystad, waar veel oudere gedetineerden verblijven.

‘We willen allemaal het beste maken van de tijd die ons nog rest.’

Buck* tikt binnenkort de 60 aan. Nou niet meteen iemand van wie je denkt: hier zit een boef. Zelf had Buck nooit gedacht dat hij zó de mist in zou gaan, want in een grijs verleden studeerde hij economie. Altijd een puike baan gehad in het bedrijfsleven. Huisje, boompje, beestje, eigenlijk.

En nu zit hij een straf uit vanwege ‘een financieel-economisch delict’. Een bijna verontschuldigend gebaar: ‘Het is wat het is.’

Afdeling E

Buck is een van de ruim vijftig mannen die verblijven op afdeling E in de penitentiaire inrichting in Lelystad.

Afdeling E is in een cirkel gebouwd. Op de begane grond – het vlak in gevangenisjargon –  fitnesstoestellen, een biljart en een rijtje telefooncabines. De cellen zijn erboven, op de ring, elk met een joekel van een nummer op de deur en er is ook een woonkamer met een zithoek en een open keuken.

Buitenbeentje

Afdeling E is een buitenbeentje in deze bajes, vertelt Filip. Hij werkt al sinds 1988 in het gevangeniswezen en heeft de leiding over de vleugel, die anderhalf jaar geleden van start ging.

Hier verblijven ruim vijftig gedetineerden die extra zorg nodig hebben, langgestraften en vooral ouderen. ‘De happy few’, zegt René (67) met een knipoog.

Wat hij bedoelt: een plek op E is niet voor iedereen weggelegd want je moet een motivatiebrief schrijven om een plek te bemachtigen.

Er is wel een maar: wie een misser begaat, hoe klein ook, moet weg, naar een andere afdeling.

Geen haantjesgedrag

Op andere afdelingen is altijd gedoe, zeggen de oudere gedetineerden, want daar zitten veel jonge kerels, testosteronbommen die zorgen voor een gespannen sfeer, agressie en ruzietjes. Op E is van haantjesgedrag geen sprake.

Een voor een zijn de mannen blij met hoe het er op deze afdeling aan toegaat, laat dat helder zijn, maar het blijft vreselijk om opgesloten te zitten.

René: ‘Wandelen in de natuur, de kleinkinderen van dichtbij meemaken en zien opgroeien, een museum bezoeken, dat zit er even niet in. Terwijl we allemaal hebben uitgezien naar de levensfase waarin dat voor het grijpen lag.’

Tegelijk weten ze: het is de oudere gedetineerde eerder gegeven om zijn daad te accepteren. ‘We zijn losers, allemaal hebben we verloren van onszelf.

Dat accepteren en vrede sluiten met jezelf is het begin van de weg omhoog’, zegt Koos (69). Uiteindelijk willen we gewoon allemaal hetzelfde: het beste maken van de tijd die ons nog rest.’

Oude leven kwijt

Jan is humanistisch geestelijk verzorger. ‘Gevangenzitten betekent dat je je vrijheid, maar ook je oude, gereguleerde leven kwijt bent. En hoe je de tijd binnen het beste kunt besteden, dat is iets wat velen echt moeten leren.

Leven voor en na detentie

René zit een straf uit wegens een zedenmisdrijf. Hij heeft een verleden in de wetenschap. Dit najaar zit zijn straf erop.

‘Er was een leven voor en er komt een leven na de gevangenis. Met hulp van mijn dochter heb ik een huisje gevonden en als meneer Alzheimer mijn voordeur passeert, ga ik promoveren. Ik kan niet wachten.’

Op de afdeling is hij bevriend geraakt met Koos. Koos is veroordeeld vanwege wiettransporten. De vriendschap was buiten waarschijnlijk niet gebeurd, want hun achtergronden verschillen nogal: René is een trotse intellectueel, Koos een gewone jongen.

Koos moet nog achttien maanden. ‘Als ze tenminste mijn contract niet verlengen’, grapt hij.

Zachte landing

In de laatste fase van hun straf gaan gedetineerden met verlof. Dat is ook de periode waarin ze op zoek gaan naar werk en bij de ouderen wordt dat meestal vrijwilligerswerk, vertelt Edwin.

‘Rijden op de bus van de voedselbank, helpen in de keuken van een verzorgingshuis, dat soort werkzaamheden. Zo’n plek vinden is lastig, maar het lukt uiteindelijk altijd.’

*Omwille van hun privacy worden de personen in dit artikel alleen bij voornaam genoemd.

Meer lezen? Neem een abonnement op het Magazine van KBO-PCOB