Sportvader & -zoon Jan & Jeroen Stekelenburg

Sportvader & -zoon Jan & Jeroen Stekelenburg

Vader en zoon, beiden bekend van Studio Sport, in gesprek over de gevolgen van corona voor de sportwereld.

Een gesprek over de gevolgen van het coronavirus voor de sportwereld hoeft wat de Stekelenburgjes betreft geen sombere aangelegenheid te worden.

Zo’n vaart zal het niet lopen

‘Ik kan me nog goed herinneren’, zegt Jeroen, ‘dat NOS-commentator Arman Avsaroglu in een podcast zei dat er in het komende weekend misschien al voetbalwedstrijden zonder publiek gespeeld zouden gaan worden en dat sportcollega Jeroen Elshoff daarop reageerde met:

“Ben je gek man, zo’n vaart zal het niet lopen?”

Dat was op 8 maart. Een week later ging alles dicht.

Ik was net met acht vrienden naar Tirol vertrokken, een probleemgebied, maar dat wisten we toen nog niet. Terug in Nederland hadden we alle acht gezondheidsklachten. Bij verschillende jongens – ook bij mij – was de test positief.

In de veertien dagen die ik vervolgens in quarantaine doorbracht, zag ik hoe de ene na de andere maatregel werd afgekondigd en de boel zo goed als op slot ging.’

Jan: ‘Ik nam de oproep om afstand te houden en binnen te blijven zeer serieus.’

Jeroen: ‘Jij sloot jezelf letterlijk op.’

Jan: ‘Tuurlijk, ik behoor tot de risicogroep. Ik kon beter het zekere voor het onzekere nemen. Overigens behoor ik óók tot de groep die het niet zo heel erg vond om een tijdje niet naar de sportschool te hoeven gaan.’

‘Biechtte hij op!’

‘Ja, maar dat deed ik eerlijk gezegd altijd al een beetje à contrecoeur. Ik miste dus niet zozeer het zelf sportief bezig zijn, maar ik vond het wel vervelend dat er al snel geen sport meer op tv te zien was.’

Voor Jeroen, die het EK Voetbal en de Olympische Spelen zou gaan verslaan, moet het opschorten van de evenementen een bittere pil geweest zijn. Zou je denken. Eh… nee.

‘Natuurlijk, leuk is anders, maar ik zou liegen als ik zou zeggen dat mijn wereld is ingestort. Ik ben gewoon andere dingen gaan doen bij Studio Sport: ik volgde de besluitvorming rond het stopzetten van de Eredivisie, maakte podcasts en meer van dat soort klussen.

En wat ik ook leuk vond: normaal gesproken ging ik vaak met vrienden de kroeg in, maar nu spraken we af in het park om te picknicken of een potje jeu de boules te spelen met z’n allen. Dat klinkt waarschijnlijk heel suffig maar…’

‘Helemaal niet’, zegt Jan.

Samen spelen

Eigenlijk sluit dat laatste voorbeeld prima aan bij wat hij een van de belangrijkste functies van sport noemt: samen spelen. ‘Dat heb ik vroeger als gymleraar altijd het allerleukst gevonden: kinderen te leren bewegen.’

Goed, het zal nog even duren voordat alles weer gaat zoals vroeger – met z’n allen naar het stadion, juichen!

Want hoe moet je anders reageren als iemand een doelpunt maakt? – maar vader en zoon zijn er allebei van overtuigd dat de verbroedering in de sport niet afhangt van het aantal bezoekers van een evenement.

Jan: ‘Ten eerste presteer je iets als team – dát is ook verbroedering – en wat de sportbeleving voor de fans betreft: als je tv kijkt, maakt het natuurlijk niet zo veel uit of een stadion maar voor de helft is gevuld.

Het is natuurlijk een ander verhaal voor individuele sporters die, bijvoorbeeld, de komende Spelen een olympische medaille wilden halen.’

‘Toch valt het me op’, zegt Jeroen, ‘hoe verschillend daar nog naar gekeken wordt. We zijn een podcast-serie aan het maken richting de Olympische Spelen en ik sprak daarvoor de baanwielrenner Harrie Lavreysen, die in maart – net voor het allemaal misging – nog wereldkampioen werd.’

Jan: ‘O ja, Lavreysen! Die zou zeker goud gaan winnen.’

Jeroen: ‘Precies. En Harrie zegt: “Joh, ik ben tot nu toe ieder jaar beter geworden, dus ik ben volgend jaar gewoon nóg beter.”

Het helpt niet om jezelf als slachtoffer te zien, of om krampachtig vast te houden aan iets wat je zogenaamd ontnomen is.’

Sport ademen

Jan knikt tevreden. Je ziet hem denken: dát is de juiste instelling. Het is niet echt een opgave om je voor te stellen hoe de broertjes Stekelenburg zijn opgevoed.

Jans eerste vrouw, de moeder van Jeroen, was ook gymnastiekdocent, zo’n beetje alle sporten werden door het gezin beoefend, honderden toernooien werden bezocht: alles in huize Stekelenburg ademde sport.

‘Tot mijn twaalfde kon ik me niet voorstellen dat er mensen waren die niet van sport hielden’, zegt Jeroen, ‘maar daar ben ik genuanceerder over gaan denken.

Inmiddels vind ik het erg fijn om me ook in andere werelden te verdiepen. Uiteindelijk is dat de reden waarom ik dit werk doe; ik ben nieuwsgierig naar wat mensen beweegt.’

‘Dat heb ik ook altijd gehad’, vult Jan aan. ‘Het is erg prettig om op een redactie aan te schuiven, om met anderen iets moois neer te zetten.’

De suggestie dat ze dan net zo goed interviews voor PCOB-KBO kunnen gaan afnemen, wordt hartelijk beaamd. ‘Het hoeft niet per se sport-gerelateerd te zijn’, zegt Jeroen.

Toch lijkt het enthousiasme toe te nemen als ze even later herinneringen ophalen aan sportmomenten die hun beider leven hebben bepaald. Jaargetallen en rugnummers vliegen door het café. Ze praten door elkaar heen. Ze vullen elkaar aan. Ze kunnen uren doorgaan.

Maar dan is het tijd voor de fotoshoot. Jeroen weet wel een paar mooie locaties, dichtbij, op het Stadionplein.

‘Gaan we?’ vraagt Jan’

‘We gaan!’ antwoordt Jeroen.

Meer lezen? Neem dan een abonnement op het Magazine van KBO-PCOB.