'Ik wil graag iets terugdoen, maar op mijn voorwaarden' Jacobine Geel

Jacobine Geel is tv-maker, bestuurder, theoloog en ‘een bemoeial’, zegt ze zelf – al gingen daar in de loop der jaren de scherpe kantjes wel vanaf. ‘Ik vond lang dat ik iets moest terugdoen. Nu leef ik meer vanuit een gevoel van dankbaarheid.’

‘Dat bemoeien doe ik in de rol van journalist en van bestuurder’, zegt ze. ‘Ik meng me graag in het gedruis van hoe mensen met elkaar leven en hoe dat soms schuurt en hapert. Ik wil weten hoe dat werkt en wat ik aan het geheel kan bijdragen.’

Jacobine Geel

Jacobine Geel (1963) is de oudste van vier zussen. Als klein meisje, een kleuter nog, namen haar ouders haar apart om te vertellen dat ze naar Indonesië gingen verhuizen. ‘Ik voelde aan hen dat het heel belangrijk was’, zegt ze. ‘Ik weet alles nog. Hoe ik op hun bed zat, hoe de sprei met gele bloemen aanvoelde toen zij het mij vertelden. Kippenvel. Vanaf toen hoorde ik bij de groten.’

‘ Ik was een jaar of zes, mijn ouders hadden een sparachtig boompje op de veranda gezet. In de hitte van Java deden we er kaarsjes in en engelenhaar, gemaakt van glaswol. Het was mooi en vreemd: een noordelijk feest, zomaar in de tropen geplant. Ik zie nog mijn moeder voor zich die de kaarsjes aanstak, terwijl de zweetdruppeltjes uit haar haren liepen’

Ze houdt nog steeds van de intensiteit van Indonesië. ‘Alles is er tien keer sterker. Hoe het klinkt, geurt, stinkt: ik ben daar wakkerder voor het leven. Ik herinner me ook alles van het moment van weggaan. De laatste zonsopgang daar, en hoe ik een half uur zat te klappertanden van emotie toen we op Schiphol waren geland.’

“‘Ik wilde graag iets terugdoen, op mijn voorwaarden’”

‘Thuis waren het ‘schrale jaren’, zegt ze, want zeker haar moeder vond de overgang van Indonesië naar Groningen ingewikkeld. ‘We hadden het gevoel dat we zo gauw mogelijk normaal moesten worden.’

Ze voelde nog lange tijd ‘de plicht tot dankbaarheid’: de taak om iets terug te doen voor alle geluk dat ze heeft. ‘Dat ik overal heen kan, veiligheid heb en kansen heb. Wat een voorrecht. Verreweg de meeste mensen op de aarde hebben dat niet. Ik wilde graag iets terugdoen, maar wel op mijn voorwaarden.’ Een kenmerkende toevoeging: ze is zowel geëngageerd als sturend.

Een kort bestaan als pastor voelde te beperkt, ‘als een mol onder de grond. Ik wilde dingen maken, deadlines halen, de wereld in’. Dat kon ze gaan doen bij de IKON-radio. En toen kwam de preekwedstrijd in 1997, die alles in een stroomversnelling bracht.

Jacobine won de prijs en kreeg overal verzoeken om te komen spreken en meedenken. De IKON gaf haar een eigen tv-programma, dat kortweg Geel heette. Er zouden vele programma’s volgen. ‘Het voelt wel als een kleine triomf dat ik er na twintig jaar nog steeds ben’, zegt ze, een beetje beschroomd. Naast de tv werd haar bestuurlijke werk steeds belangrijker, want ze wilde ook ergens aan bouwen. Als bestuurder van koepelorganisatie GGZ Nederland behartigt ze de belangen van de geestelijke gezondheidszorg en doorkruist ze het hele land.

“‘De binnenkant van de tijd, die je vergeet als je een volle agenda hebt’”

Hoe ze het volhoudt in die dynamiek? Onder andere door elke zaterdagmorgen tijd te nemen om op te schrijven wat ze beleefd heeft. ‘Dus niet wat ik allemaal gedaan heb, maar wat ik heb ervaren, wat ik voelde. De binnenkant van de tijd, die je gemakkelijk vergeet als je een volle agenda hebt. Als mijn leven jakkerig wordt, dan wordt het ook kaal, heb ik gemerkt. Schrijven helpt dan, net als poëzie lezen. Dat moet je langzaam doen.’

Jacobine Geel met zoon

‘Als bemoeial heb ik moeten leren ruimte te laten voor anderen’, zegt ze. ‘Toen ik moeder werd, ging dat beter. Bij mijn zoon kon ik me moeiteloos voegen naar zijn tempo. Mijn kind heeft me benaderbaarder gemaakt. Ik leef tegenwoordig meer vanuit een gevoel van dankbaarheid.’

Onze cultuur is soms te haastig en erg gericht op regels en geld. ‘In mijn werk is dat wel eens lastig’, zegt ze. ‘We moeten ons steeds de vraag blijven stellen of we mensen echt helpen. Hoe zorgen we dat mensen gezien worden? Hoe kunnen wij eraan bijdragen dat kinderen gezond en veilig opgroeien? Daarna komt pas de vraag of de begroting op orde is. Voor je het weet, draai je die volgorde om. Kijken met compassie is essentieel – en ook kwetsbaar.’

Meer lezen? Neem een abonnement op ons magazine!