KBO-PCOB internetonderzoek Hoe handig zijn én blijven we op internet?

Internet is niet meer weg te denken uit het leven van de meeste senioren. We maken er steeds meer gebruik van en zijn er ook steeds handiger in. Maar we benutten lang niet alle mogelijkheden en een op de tien senioren merkt dat de internetvaardigheid met het ouder worden achteruitgaat. Dat blijkt uit het KBO-PCOB Internetonderzoek, waaraan maar liefst 1.700 senioren meededen.

“Een op de tien senioren vindt internetten nu moeilijker dan vroeger”

Senioren hebben al een grote inhaalslag gemaakt. We gaan bijna allemaal online om onze e-mail te lezen en versturen en om te bankieren (91 procent). Voor overheidsdiensten en contact met de gemeente gebruikt 81 procent internet en 66 procent verstuurt en bekijkt foto’s. Ook voor openbaar vervoer, reizen of hotels boeken en toegangskaartjes kopen zetten we de computer aan. Verder maken zeven van de tien senioren gebruik van sociale netwerken, het meest Facebook. 13 procent kijkt films en sportwedstrijden online en 7 procent doet aan dating op sites zoals 50PlusMatch, Relatieplanet, Tinder of Lexa.

Nu niet, straks niet

Nieuwere applicaties als Bluetooth, Virtual Reality en Quick Respons Code worden weinig gebruikt en zullen in de toekomst niet meer worden opgepikt. Driekwart van alle senioren denkt zelfs dat ze alle internetontwikkelingen in de toekomst niet meer kunnen bijbenen. Van de senioren die op dit moment bijvoorbeeld niet beeldbellen, zal 75 procent dat nooit meer gaan doen.

Uitleg lastige termen

Bluetooth: techniek die zorgt voor draadloze verbindingen tussen apparaten op korte afstand. Dankzij bluetooth kunnen bijvoorbeeld adresgegevens tussen mobiele telefoons worden uitgewisseld, kan snel vanaf een tablet of laptop worden geprint, of kan een mobiele telefoon worden uitgerust met een draadloze koptelefoon/headset.

Virtual Reality (VR): Virtual Reality geeft de gebruiker de illusie dat hij ergens anders is. Een speciale Virtual Reality-bril toont twee net even verschillende computerbeelden, één voor elk oog. Hierdoor ervaart de gebruiker de illusie van een 3D-beeld. Zo kun je (virtueel) zwemmen tussen haaien, lopen over Mars en de hele wereld rond vliegen als een vogel. Maar de techniek kan ook worden gebruikt voor trainingsdoeleinden van bijvoorbeeld militairen en artsen in opleiding en in het onderwijs.

Quick Respons Code (QR-code): is een barcode die bijvoorbeeld in een advertentie of op een vistekaartje kan staan. Door het scannen met een (foto)camera van een mobiele telefoon wordt een actie uitgevoerd. Deze actie kan zijn::
* Het openen van een weblink en dus een webpagina
* Het weergeven van een tekst
* Het weergeven van een direct te bellen telefoonnummer
* Het versturen van een speciaal SMS-bericht

Voice Recognition (spraakherkenning): met behulp van spraakherkenningssoftware is het mogelijk de computer te besturen door stemopdrachten. Ook kun het schrijven van teksten schrijven door te dicteren is mogelijk. Dat is handig en snel. Maar ook voor wie door een beperking of handicap moeite heeft met het bedienen van muis en toetsenbord, is spraakherkenning een uitkomst. De muis en het toetsenbord worden dan (grotendeels) overbodig; opdrachten worden gegeven via de stem en teksten gedicteerd in plaats van getypt.

Moeilijker dan vroeger!

Ruim een op de tien senioren ervaart dat het gebruik van internet hem of haar moeilijker afgaat dan vroeger.

Jaap (83): ‘Het lijkt wel alsof die sites steeds ingewikkelder worden met al die verplichte getalscodes en alles in hokjes/rondjes. Ik ben erg bang om iets verkeerd in te vullen, helemaal met betalen via internet.’

Vier van de tien denken dat het moeilijker zal gaan worden en 18 procent is zelfs bevreesd dat er een moment komt waarop ze geen gebruik meer kunnen maken van internet, zo rond hun 87ste.

Overheid en organisaties gaan er nu nog vanuit dat de groep niet zo vaardige senioren  steeds kleiner zal worden, maar zullen er rekening mee moeten houden dat de  digivaardigheid – ook van toekomstige senioren – erop achteruit kan gaan.

E-health nog onbekend

Ruim zeven van de tien senioren weten niet wat e-health betekent, terwijl deze digitale toepassingen in de zorg flink in opkomst zijn en gericht zijn op ondersteuning of verbetering van de gezondheid. Patiënten en artsen kunnen via internet consulteren, diagnoses stellen, uitslagen doorgeven en informatie uitwisselen. Een groot struikelblok voor de invoering van e-health is beeldbellen, dat een belangrijke rol in  veel toepassingen speelt. Slechts drie van de tien online senioren gebruiken het. Maar over het algemeen staan ze zeker niet negatief tegen over e-health. Hoe jonger, hoe positiever.

Internetgebruik van de partner

Van de online senioren die een partner hebben, maakt 22 procent van die partners geen gebruik van internet. En wanneer de partner ook internet gebruikt, blijkt in een kwart van de gevallen een van beiden veel handiger te zijn met de computer. Ruim acht van de tien met de meeste ervaring regelen dan ook zaken op het internet voor hun partner, zoals de belastingen, bankzaken, een reis boeken, iets kopen of even iets opzoeken.

'Geen idee'

Maar wat gebeurt er nu wanneer de partner met de meeste internetkennis onverhoopt wegvalt? ’Geen idee’, zegt 14 procent van hun partners, terwijl zeven van de tien ervan uitgaan dat hun achterblijvende partner een ander om hulp zal vragen.

Online na overlijden

Een derde van de senioren heeft er nog nooit over nagedacht dat na hun overlijden hun e-mailadressen, Facebook- en WhatsApp-identiteit achterblijven op het web. Een kwart van alle senioren heeft daarvoor al maatregelen genomen.

Dikke voldoende in internetquiz

In het onderzoek hebben we een korte quiz van tien kennisvragen opgenomen waar acht van de tien senioren een voldoende op hebben behaald. De gemiddelde score is een 6,8 en 3 procent had alle tien vragen goed. De jongere senioren halen de hoogste scores, de 65- tot 69-jarigen een 7,2. Voor de 80-plussers loopt dat terug tot een 6,4.